Het idee is verrukkelijk simpel: iedereen schudt vijf dobbelstenen onder een beker en gluurt alleen naar zijn eigen worp. Vervolgens bieden de spelers om de beurt op wat er in totaal op tafel ligt — en omdat niemand meer dan zijn eigen vijf stenen ziet, draait alles om inschatten, bluffen en op het juiste moment "dudo!" roepen. Wie Perudo eenmaal kent, begrijpt meteen waarom Mexen, het andere grote Nederlandse blufspel, hier zo vaak naast op tafel ligt.
Op deze pagina
Wat heb je nodig?
- De Perudo-doos bevat 30 dobbelstenen in zes kleuren en zes bijpassende bekers: elke speler krijgt vijf stenen en één beker in de eigen kleur.
- In echte Perudo-uitvoeringen staat op de plek van de 1 een Azteken-hoofd, de "paco" — een knipoog naar de Zuid-Amerikaanse oorsprong van het spel. In de regels hieronder noemen we die stenen gewoon azen.
- 2 tot 6 spelers, vanaf ongeveer 8 jaar. Een potje duurt zo'n 30 minuten.
Geen doos in huis? Vijf gewone dobbelstenen en een mok per speler werken net zo goed — de 1 is dan de aas. Meer daarover bij Perudo spelen zonder de doos.
Het doel
Wie een uitdaging verliest, levert een dobbelsteen in — en wie zonder stenen zit, ligt uit het spel. Het doel is dus simpel: als laatste minstens één dobbelsteen overhouden. De winnaar is de speler die overblijft wanneer alle anderen hun stenen zijn kwijtgeraakt.
Zo werkt een ronde
- Schudden en gluren. Alle spelers schudden tegelijk hun stenen onder de beker, zetten die omgekeerd op tafel en bekijken stiekem alleen hun eigen worp.
- Het openingsbod. De beginspeler doet een bod in de vorm "er liggen op tafel in totaal minstens x stenen met waarde y" — bijvoorbeeld "vier vijven". Let op: het bod gaat over álle stenen van álle spelers samen, niet alleen over de eigen beker.
- Verhogen, dudo of calza. De volgende speler (met de klok mee) heeft drie opties: het bod verhogen, dudo roepen om het bod uit te dagen, of calza roepen om te claimen dat het bod precies klopt.
Verhogen betekent: het aantal en/of de waarde gaat omhoog. Na "vier vijven" is "vijf vijven" geldig (aantal omhoog), net als "vier zessen" (waarde omhoog). Zelfs de waarde verlagen mag, zolang het aantal maar stijgt: van "vijf drieën" naar "zes tweeën" is een prima bod. Zo klimt het bod elke beurt verder omhoog, tot iemand het niet meer gelooft.
Azen als jokers en de twee wisselregels
Azen (de paco's) zijn jokers: bij het natellen tellen ze mee met elke geboden waarde. Wie "zes vieren" biedt, hoopt dus op vieren én azen samen. Maar je mag ook rechtstreeks op azen bieden — en precies daar zitten de twee wisselregels die in de meeste Nederlandse uitleg ontbreken:
- Overstappen náár een azen-bod: je mag het aantal halveren, naar boven afgerond. Omdat azen dubbel zo zeldzaam zijn als "een waarde plus jokers", is een half zo hoog azen-bod evenveel waard.
- Terug van azen naar een gewone waarde: het aantal moet minstens het dubbele plus één worden. De korting die je bij het heenwisselen kreeg, betaal je bij het terugwisselen dus met rente terug.
| Laatste bod | Minimaal geldig wisselbod | Rekensom |
|---|---|---|
| vijf drieën | drie azen | 5 ÷ 2 = 2,5 → afgerond naar boven 3 |
| drie azen | zeven van een waarde naar keuze | (3 × 2) + 1 = 7 |
Een goed getimede uitstap naar azen drukt het bod dus flink omlaag — en dwingt de volgende speler tot een fors hoger bod of een riskante uitdaging.
Dudo: het bod uitdagen
Geloof je het laatste bod niet, dan roep je "dudo" (Spaans voor "ik twijfel"). Alle bekers gaan open en er wordt geteld: alle stenen met de geboden waarde plus alle azen tellen mee.
- Is het werkelijke aantal lager dan het bod, dan had de uitdager gelijk: de bieder verliest een dobbelsteen.
- Is het werkelijke aantal gelijk aan of hoger dan het bod, dan was het bod goed: de uitdager verliest een dobbelsteen.
De verliezer legt één steen definitief weg en opent de volgende ronde. Wie zijn laatste steen inlevert, is uitgeschakeld.
Calza: precies goed
Naast dudo kent Perudo nog een tweede, gedurfdere uitroep: "calza". Daarmee claim je dat het laatste bod precies klopt — niet meer en niet minder. Iedereen behalve de bieder mag calza roepen, en dat mag zelfs buiten de eigen beurt om.
- Klopt het bod exact, dan krijgt de roeper één eerder verloren dobbelsteen terug (tot het maximum van vijf).
- Zit de roeper ernaast, dan levert hij zelf een dobbelsteen in.
Varianten: sommige uitgaven straffen een mislukte calza met 1 tot 2 stenen, of staan calza alleen toe zolang meer dan de helft van alle dobbelstenen nog meespeelt. Spreek vooraf af welke versie jullie spelen.
Palifico
Verliest een speler zijn vierde dobbelsteen en komt hij daarmee voor het eerst op één steen, dan opent hij de volgende ronde met de aankondiging "palifico". In die ene ronde gelden strengere regels:
- Azen zijn niet wild — ze tellen alleen mee als er letterlijk op azen geboden is.
- De geboden waarde ligt vast: de waarde uit het openingsbod blijft de hele ronde staan en volgende spelers mogen alleen het aantal verhogen.
- Uitzondering: spelers die zelf óók nog maar één dobbelsteen hebben, mogen de waarde wél wijzigen.
Palifico geeft de speler op het randje van uitschakeling nog één ronde met thuisvoordeel — hij kiest immers de waarde waar iedereen aan vastzit.
Tactiek en kansen
Perudo is een blufspel, maar de kansrekening geeft je bluf een fundament. Vuistregel: het verwachte aantal stenen per waarde is het totale aantal stenen op tafel gedeeld door 3 (elke waarde komt gemiddeld bij 1 op de 6 stenen voor, plus 1 op de 6 azen als joker). Voor azen zelf deel je door 6, want daar telt geen joker bij op. Met 20 stenen op tafel zijn "zes vieren" dus een keurig gemiddeld bod, maar "zes azen" een grove overdrijving. Tel daar je eigen worp bij op — de enige zekere informatie die je hebt — en je weet verrassend goed wanneer een bod kraakt. Meer rekenvoorbeelden vind je op de pagina over dobbelsteen kansen.
Perudo spelen zonder de doos
Voor Perudo heb je de officiële doos niet nodig: vijf gewone dobbelstenen en een ondoorzichtige beker of mok per speler volstaan, met de 1 als aas. En zelfs zonder losse dobbelstenen kun je vanavond al spelen: de gratis online dobbelsteen gooit tot zes 3D-stenen tegelijk — precies genoeg voor één hand van vijf. Laat elke speler op zijn eigen telefoon gooien en het scherm afgeschermd houden, en de bekers zijn overbodig.
Veelgestelde vragen over Perudo
Hoe werkt het bieden op azen bij Perudo?
Wil je overstappen op een azen-bod, dan mag je het aantal halveren, naar boven afgerond: na 'vijf drieën' is 'drie azen' een geldig bod. Wil een speler daarna terug van azen naar een gewone waarde, dan moet het aantal minstens het dubbele plus één zijn: na 'drie azen' dus minimaal zeven dobbelstenen van een waarde naar keuze.
Wat betekent dudo bij Perudo?
Dudo is Spaans voor 'ik twijfel'. Wie dudo roept, daagt het laatste bod uit: alle bekers gaan open en je telt alle dobbelstenen met de geboden waarde plus alle azen. Klopt het bod, dan verliest de uitdager een dobbelsteen; klopt het niet, dan verliest de bieder er een. De verliezer begint de volgende ronde.
Wat is calza bij Perudo?
Met calza claim je dat het laatste bod precies klopt: niet meer en niet minder. Iedereen behalve de bieder mag calza roepen, ook buiten de eigen beurt om. Klopt het exact, dan krijg je een eerder verloren dobbelsteen terug (tot het maximum van vijf); zit je ernaast, dan lever je zelf een dobbelsteen in.
Wat is een palifico-ronde bij Perudo?
Verliest een speler zijn vierde dobbelsteen en houdt hij voor het eerst nog maar één steen over, dan opent hij de volgende ronde met 'palifico'. In die ronde zijn azen niet wild en ligt de geboden waarde vast: volgende spelers mogen alleen het aantal verhogen. Alleen spelers die zelf ook nog maar één dobbelsteen hebben, mogen de waarde wél veranderen.
Is Perudo hetzelfde als liegdobbelen en Liar's Dice?
Ja, Perudo is de bekendste uitgave van het Zuid-Amerikaanse dobbelspel dudo, dat in het Engels Liar's Dice heet en in het Nederlands vaak liegdobbelen wordt genoemd. De kern is overal gelijk — bieden en bluffen over alle verborgen dobbelstenen — en Perudo voegt daar vaste regels zoals calza en palifico aan toe.